Melati van Java: Eigen schuld
Amsterdam: L.J. Veen, zonder jr.
[eerste druk: 1884:]


Inhoudsopgave *

boekomslag

Een mooi solide boek: Eigen schuld (1884)

I. Dorine de Ridder (14 jaar) brengt haar vader een brief. Hij berispt haar omdat ze niet zo netjes is als Emma. Gesprek over Emma. Beschrijving van Emma, het nichtje uit Indië. De brief is van oom Bergerink; zijn zoon Otto is vroeger naar zee getrokken en sindsdien leeft de rijke oom teruggetrokken. Hij vraagt de twee meisjes te logeren in zijn huis Bergerode. Lezen

II. Emma en Dorine wisselen wensen uit voor de toekomst. Voorbereidingen voor de logeerpartij. Onderweg. Lezen

III. Treinreis. Verdere verschillen tussen beide meisjes: Emma houdt van orde en rust, Dorine van spelen en maakt in haar kleren nogal eens vlekken en scheuren. Aankomst te Gansvoort. Een jachtwagentje haalt de meisjes van het station af. Bij Oom Bergerink in huis kibbelen ze over netheid. Lezen

IV. Dorine komt gelukkig maar vies uit de grote tuin. 's Avonds ontmoeten ze Oom. Dorine is verlegen, Emma opmerkelijk vlot en hartelijk, in alles belang stellend. Oom is knorrig. Lezen

VI. Dorine ontdekt het leven op de boerderij (weer vies), terwijl Emma eeuwig netjes blijft. Zij spreekt begripvol met de knorrige oom. Lezen

VII. Emma vertelt Oom over haar moeilijke leven. Dorine heeft voor hem bloemen geplukt, maar dat staat Oom niet aan. Dorine is bang voor Oom, terwijl zijn contact met Emma steeds hartelijker wordt.Dorine breekt een vaas.Lezen

VIII. Vertrek van de meisjes. Alleen Emma mag komen, Oom is nog steeds boos vanwege de vaas. Eenmaal thuis is Emma weer zichzelf: nuffig en kritisch. Na een maand komt een telegram dat Oom is overleden. Emma blijkt de universele erfgename en zij moet op Bergerode komen wonen. Lezen

IX.Het gezin waarin Emma woont, krijgt het nieuws te horen. Emma is opmerkelijk assertief opeens. Lezen

X.De familie de Ridder woont op Bergerode. Emma is teleurgesteld in haar persoonlijke vooruitgang. De aangestelde gouvernante beleeft meer genoegen aan Dorine dan aan Emma. Toch knoopt juffrouw Cellier een band aan met Emma; de leerlinge wil zelfs enkele maanden met haar in een grote stad gaan wonen. Lezen

XI. Juffrouw Cellier krijgt een standje. Emma is bang voor spoken, Dorine gedraagt zich heldhaftig en de gouvernante kijkt Emma steeds meer naar de ogen. Lezen

XII. Lente. De verschillen tussen de beide meisjes worden steeds duidelijker. Als Dorine bloemen legt op het graf van Oom, wordt ze door een vreemde man aangesproken. Hij komt de volgende dag naar Bergerode. Lezen

XIII. De vreemde man wordt aangesteld als rentmeester. Hij ziet Emma naar de ogen, maar Dorine wantrouwt de echtheid daarvan. Lezen

XIV. Laatste hoofdstuk. Lezen

Verantwoording*

De inhoudsopgave is gebaseerd op Eigen Schuld (1884). In deze uitgave is in de hoofdstuknummering '5' overgeslagen; de volgorde is hier aangehouden.
Voor kennelijke fouten die aan mijn waarneming zijn ontsnapt, hou ik me aanbevolen.

Vilan van de Loo